donderdag 24 mei 2018

superheld

"Als je kon kiezen, welke superkracht zou jij dan nemen?" Romy kijkt vragend achterom vanuit haar rolstoel. "Poeh, lastig kiezen zeg..." in mijn hoofd ga ik snel wat superhelden af. "Vliegen denk ik. Ja, vliegen lijkt me wel gaaf. Net als een vogel, of als superman moet ik zeggen. En jij?" Ik kiep haar achterover zodat ik even een ondersteboven-snoetje aan kan kijken. "Makkie" antwoordt Romy, "teleportatie!" verbaasd kijk ik haar aan. "Tuurlijk! Dan maakte de CP niks meer uit! Ik zou me overal heen kunnen teleporteren. Dan teleporteerde ik me 's ochtends zo in mijn broek! " Lachend komen we het revalidatiecentrum binnen.

Deze meivakantie mag Romy hiernaartoe voor de superheldenweek. Ze gaat daar, samen met een groepje kinderen, vaardigheden oefenen die nog niet goed willen lukken. Ieder met een eigen buddy!(student fysio/ergo). Romy wil graag handiger worden met de rolstoel, maar heeft vooral zin in het leren handbiken. We hadden graag gezien dat ze ook zou oefenen met knoopjes dichtdoen of haren kammen. Maar toen we dat bespraken werd ze boos en kwamen er tranen. Dat ligt dus te gevoelig.

Romy krijgt bij binnenkomst een echt superheldenshirt aan, en ik word de zaal uitgebonjourd. Op weg naar huis loop ik te piekeren. Wat nu als ze het niet leuk vindt? Dan kan ik de rest van de week een mopperende Romy hiernaartoe brengen. Het is ook niet eerlijk. Haar broers kunnen heel de week uitslapen, maar zij moet iedere dag op tijd uit bed. En wat nu als ze haar buddy niet leuk vindt?

Die zorgen blijken totaal overbodig. Een paar uur later gaat de voordeurbel. Dat is vast het buurmeisje. Ik gooi de deur open, maar zie niemand. "Hoi Mam!" hoor ik plots achter de geparkeerde auto. Op straat zie ik een stralende Romy in een handbike zitten. Een trotse buddy staat ernaast. "Wauw, ben je helemaal hiernaartoe gefietst?" mijn verbazing laat Romy nog meer stralen. Ik zie haar buddy vertederd naar haar kijken. Dat zit wel goed tussen die twee.

De superheldenweek wordt afgesloten door een spetterend optreden van alle kandidaten. Met hun zelfgeknutselde instrumenten komen ze als een ware fanfare de sportzaal binnen gemarcheerd. Een hele ronde lopen ze al toeterend en trommelend om alle ouders en familie heen. Dat op zich is al een hele prestatie van Romy, maar het echte optreden moet nog beginnen. Alle superheldjes mogen hun "kunstje" laten zien. De een kan eindelijk zelf zijn veters strikken, de ander kan een voetbal in een goal schieten. Stuk voor stuk topprestaties. De buddy's staan langs de kant als trotse ouders toe te kijken.

Romy mag als bijna laatste haar inmiddels verworven handbike-talent laten zien. Onder luid applaus fietst ze de hele zaal rond. Ze parkeert de handbike nog even keurig in zijn achteruit en eindigt lachend met een buiging.

"Jammer dat het voorbij is" zucht Romy, nadat ze haar buddy een hele dikke knuffel heeft gegeven bij het afscheid. "Morgen lekker uitslapen!" troost broerlief, maar daar heeft ze geen oren naar "Ik had veel liever nóg een superheldenweek." ze is even stil. "Volgend jaar ga ik gewoon weer meedoen! Dan ga ik leren haren kammen en knoopjes dichtmaken. En vast nog meer!"

Wat een superheld!















dinsdag 6 februari 2018

pechvogeltje

Waterpokken. Iedereen weet hoe vervelend ze kunnen zijn. Vaak herinnert een littekentje ergens op je lijf je nog aan de jeuk die je als kind hebt gehad.
Je kunt er een paar krijgen. Maar ook helemaal onder zitten. Op de gekste plekken duiken ze op. In je haar. In je oor. In je mond. Zelfs in je oog!
Waterpokken komen ook nooit gelegen. Je krijgt ze op vakantie. Op je verjaardag. Of als je voor het eerst naar school mag.

Weet je wanneer waterpokken ook heel vervelend zijn? Als je een blindedarmontsteking hebt.
Sinds vorige week weet Romy daar alles van.

Na een hele nacht helse pijnen in haar buik, werd Romy door de huisarts doorgestuurd naar het ziekenhuis. Daar aangekomen veranderde de vriendelijke blik van de verpleegster al snel in een paniekerig gezicht toen het woord waterpokken viel. Zo snel mogelijk werden we in een kamertje gezet en de deuren achter ons dichtgeduwd. De verpleegster riep door de deur dat ze zo zou komen. Een bordje werd voor ons raam geschoven. Vanuit ons kamertje kon ik het niet zien, maar in mijn fantasie zag ik een geel bord met een nucleair teken erop.

Even later kwam de verpleegster in een geel pak, met een mutsje, handschoenen en een kapje voor haar mond. Zij legde uit hoe verschrikkelijk besmettelijk waterpokken zijn, en dat dat in een ziekenhuis vol zieke mensen natuurlijk echt gevaarlijk is. Dat begrepen we volkomen. Maar het was wel jammer dat daardoor alles zo gecompliceerd ging. En dat alles daardoor extra lang duurde.

Romy moest uiteindelijk naar een ander ziekenhuis waar ze wél een isolatiekamertje hebben. Via een sluiproute door de kelder kwamen we in haar kamer, waar het lange wachten begon. Romy zou als laatste die dag geopereerd worden omdat de operatiekamer daarna grondig ontsmet moest worden. Logisch. Maar daardoor niet minder zwaar. Romy heeft heel de dag niks mogen eten of drinken. Omdat er telkens hoop was dat ze bijna aan de beurt was. Maar spoedgevallen gaan natuurlijk voor.

Dapperheid kan dus toch opraken. De angst, de pijn, de jeuk, de honger maar vooral de dorst... het was bij elkaar echt teveel. Zelfs Super Dappere Romy was hier niet tegenop gewassen.

Toen ze dan om 22 uur eindelijk aan de beurt was en volledig ingepakt in haar bed naar de ok werd gereden, was ze helemaal uitgeteld. Beertje, normaal zo stevig in haar handen geklemd, lag met een kapje op tegen haar aan. Te moe om nog bang te zijn zuchtte ze "eindelijk" en ging ze rustig slapen.


De operatie is gelukkig prima gegaan. En Romy mocht de volgende dag alweer snel naar huis.

Thuis waren we er nog niet meteen. Dat kwam vooral door die stomme waterpokken. Maar gelukkig geen "ebola behandeling" meer zoals wij de hele situatie in het ziekenhuis als grapje noemen.

Nu gaat het gelukkig al een stuk beter met Romy. Ze loopt weer voorzichtig rond en heeft weer praatjes. Baalt dat ze nog niet naar school mag. En dat ze haar vriendinnen mist.

Maar vanavond kwamen er toch weer traantjes toen ze in bed lag. Die moesten er gewoon nog even uit. "Dat is helemaal niet raar..." begin ik "Dat is bijzonder!" zegt Romy. En tussen de tranen door schiet ze in de lach.

Zo ken ik mijn meisje weer. We beslissen dat dit gewoon de grootste pechweek ooit was! Misschien komt er nu dan wel een gelukweek! Dat komt niet verkeerd uit. Want deze week zitten we op iets leuks te wachten......duim allemaal maar mee... eind deze week horen jullie het!



donderdag 28 december 2017

ons kerstverhaal

9 jaar geleden:

Langzaam word ik wakker van een raar gevoel. Hè gedver, heel het bed is nat. Ik maak Sandortje wakker die tussen mij en Micha in ons bed ligt. "Sannie, je hebt in bed geplast, kom uit bed, dan verschonen we het even." Een slaperig hoofdje met haren die rechtovereind staan kijkt me dromerig aan en langzaam begint hij uit bed te klimmen. Onhandig door mijn dikke buik begin ik de lakens van het bed af te trekken. Totdat ik ineens besef dat het helemaal niet naar urine stinkt. Het is een zoete lucht die ik ruik, en opeens besef ik het. Mijn water is gebroken! Shit, dat kan niet goed zijn. Snel maak ik Micha wakker. We bellen de verloskundige en we spreken af snel naar de praktijk te komen. Micha brengt eerst de jongens maar naar school want dat is wat praktischer en ik kleed me ondertussen aan. Rustig probeer ik na te denken wat ik mee moet nemen. Lastig, ik weet niet wat me te wachten staat en alles zit ook nog eens in dozen ingepakt. We moeten namelijk nog verhuizen.
De verloskundige is meteen duidelijk. Ik moet onmiddellijk naar het ziekenhuis. Ze wil niet eens dat ik eerst nog langs huis ga. Het dringt nog steeds niet echt tot me door want ik begin over het moeten inpakken van kadootjes en dat het bijna 5 december is.  Micha zegt helemaal niks meer . Pas als we in de auto zitten, op weg naar het ziekenhuis, hoor ik hem zachtjes zeggen "je bent nu 25 weken hè, dan raken we dit kindje kwijt ..." 
Vanuit het ziekenhuis in Breda word ik met een ambulance naar het Maxima Medisch Centrum in Veldhoven gebracht. In Rotterdam is er geen plaats en ik moet naar een ziekenhuis waar een NICU (Neonatale Intensive Care Unit)  aanwezig is. De eerste uren zijn erg spannend. Ik krijg injecties om de longrijping van het kindje te versnellen en verder kan ik niets anders doen dan goed plat blijven liggen.
Gelukkig blijven de weeën uit. Wel een maand lang...

Het is een heftige maand. De spanning dat de baby elk moment kan komen ebt gelukkig wel langzaam weg. Ook heb ik inmiddels een rondleiding gekregen op de NICU en daar wel vertrouwen in. Maar voor het thuisfront vind ik het erg zwaar. De jongens zijn pas 5 en 7. Micha komt zoveel mogelijk met ze op en neer gereden, tussen het werken en dozen inpakken in. Dan komen ze lekker bij me in bed gekropen en krijg ik honderd tekeningen. Een standaard vraag van de artsen is dan ook als ze alle tekeningen zien, of ik misschien een juf ben.

En dan wordt het kerst. Voor mijn gevoel hoor ik inmiddels bij het interieur. Ik heb de ene na de andere vrouw naar binnen zien komen en met baby weer zien vertrekken. De verpleegkundigen ken ik inmiddels al lang allemaal bij naam. Maar eentje is er toch wel mijn favoriet. Als zij 's ochtends binnen loopt met haar vrolijke bos krullen, dan weet je, vandaag is het weer feest!
Zo ook die eerste kerstdag. Met grote engelenvleugels op haar rug (ik verzin het echt niet) komt ze mijn kamer binnen. "Goedemorgen Maria, heb je lekker in deze stal geslapen?"
Als ik vraag of er al een kindje Jezus op de afdeling geboren is, gaat ze op de gang kijken of er een ezeltje staat. "Nee, nog geen kindje Jezus vandaag, maar dat zal vast nog wel komen..."

Met kerst vindt iedereen het extra zielig dat je in het ziekenhuis ligt dus daarom komt er lekker veel bezoek langs. Supergezellig dus, wel jammer dat ik wat buikpijn begin te krijgen. Als mijn kamer echt helemaal vol visite staat, besef ik het ineens... HET ZIJN WEEËN!! Zou het nu dan toch gaan gebeuren? Ik ben gelukkig inmiddels 30 weken zwanger. Dat klinkt al een stuk beter dan 25, maar het blijft spannend. De visite wenst ons succes en maakt zich snel uit de voeten.

Omdat het kindje nog in een stuit ligt vraag ik om een keizersnede. Ik heb te veel enge verhalen gehoord over stuitbevallingen. Hierover moet door de artsen overlegd worden want ze vinden het eigenlijk onzin, het kindje is nog zo klein. Om me een beetje af te leiden tussen de weeën door (en misschien ook om mijn kreungeluiden te maskeren voor de zwangere vrouw die naast me ligt en steeds witter wordt) zet Micha de televisie aan. Zoals altijd met kerst, is Sisi, die junge kaiserin, op tv. Wat is Romy Schneider toch mooi. "Zeg Mies, wat vindt je van Romy voor een meisje?"

Eigenlijk weet ik zeker dat het weer een jongen wordt. Ik heb zo goed mogelijk bij alle echo's meteen geroepen dat we niet willen weten wat het wordt. Maar ja, ik kreeg op het laatst zoveel echo's om te kijken of ik nog wel genoeg vruchtwater had, dat ik per ongeluk 2 balletjes heb gezien. Ik heb maar niets tegen Micha gezegd. Dan blijft het in elk geval voor hem nog een verrassing.

De artsen hebben overlegd. Als er dan bij de moeder geen motivatie is om natuurlijk te bevallen (??!!!!)  stemmen ze toch maar in met een keizersnede. Echt fut om boos te worden om deze uitspraak heb ik niet meer, laat het nu maar gewoon zo snel mogelijk gebeuren.
Een beetje zenuwachtig lachend ga ik zitten voor de ruggenprik. Als er ineens een man met een groen mutsje en een kapje voor zijn mond in de operatiekamer naast me staat zeg ik netjes gedag. Maar dan zie ik ineens aan zijn pretoogjes dat het Micha is.

Ze kunnen beginnen. Ik voel een steek in mijn buik. Het duurt 1 tel voor ik besef dat ik gewoon voel hoe een mes mijn buik open snijdt. Paniekerig roep ik of dat normaal is. De artsen kijken elkaar geschrokken aan. Shit dat is geen goed teken. De anesthesist pakt mijn hand en zegt "sorry mevrouw, dan werkt de ruggenprik niet, even op uw tanden bijten want het kindje moet er nu echt uit. Ik beloof u zodra het kindje eruit is, maak ik u helemaal weg."

Hoe ik de minuten daarna ben doorgekomen weet ik niet meer. Ik weet nog wel het moment dat de anesthesist het kapje bij me opzette en ik dacht EINDELIJK! En terwijl ik me langzaam voelde wegglijden hoorde ik een stem in de verte "Het is een meisje!". Met mijn laatste krachten heb ik het kapje van mijn gezicht afgeslagen en uitgeroepen "EEN MEISJE?? ECHT WAAR?" en met een brede glimlach op mijn gezicht deed ik uiteindelijk mijn ogen dicht.




vrijdag 1 december 2017

schoentje zetten

Iets eerder dan normaal lopen we naar school. Romy is niet te houden want ze heeft gisteren in de klas haar schoen mogen zetten. Met heel de klas hebben ze gezongen dus de kans is groot dat de schoenen gevuld zullen zijn.
'Ik hoop dat er een mandarijn in zit mam, want die mandarijnen van de pieten zijn veel lekkerder dan de onze.' Het geloof is nog groot...

Hijgend van het doorstappen komen we op school aan. Ik dacht dat we vroeg zouden zijn, maar de school is toch al goed gevuld. Er waren meer kindjes nieuwsgierig denk ik. Door de drukte wurmen we ons door naar de lift. Boven aangekomen zie ik door de glazen deur een gevulde hal met kinderen die touwtje springen. Romy kijkt me verbaasd aan. Terwijl ik de liftdeur openhoud komt Romy's vriendinnetje al op ons afgerend 'Romy, Romy, jij hebt een roze!!'. En ze rent weer weg om zelf haar blauwe uit te proberen.

Stilletjes loopt Romy met me naar haar klas. Ik hang haar tas op en ondertussen trekt zij haar handschoenen langzaam uit. Ik zie haar de klas in kijken waar vriendinnetjes samen aan het springen zijn. 'Mama, Sinterklaas weet toch dat ik niet kan touwtje springen...' begint ze voorzichtig. 'Ja, maar Romy, die pieten hebben alle schoenen van de hele school moeten vullen. Daar hebben ze vast even niet aan gedacht.' Ik probeer er maar zo luchtig mogelijk over te doen, doe snel haar jas uit en geef haar een kus.

Piekerend sta ik haar jas op te hangen. Verdorie waarom nou net een springtouw! Niet kunnen touwtje springen staat hoog op de lijst van dingen waar Romy erg verdrietig om kan zijn. Samen met rennen en tikkertje. Dat wordt leuk vandaag met buiten spelen...

'Wafwaf, wafwaf!' Ik schrik me rot van een meisje dat de klas uit komt gelopen met een roze springtouw om haar middel gebonden. Achter haar komt Romy met de rest van het roze springtouw in haar handen. Met een stralend gezicht roept ze 'Mam, ga eens opzij! Ik moet even Lisanne uitlaten.'
Al snel komen er nog meer meiden de klas uit gelopen. 'Ik wil ook! Ik wil ook!' roepen ze allemaal.

Romy's honden uitlaatservice krijgt het nog druk vandaag denk ik bij mezelf en ik loop lachend door de kou naar huis.


 Nog meer verhalen van sinterklaastijd zijn hier te vinden rolstoelpiet  en  bedankbrief



donderdag 23 november 2017

Het meisje met de baret

Het meisje met de baret

Er was eens een lief klein meisje dat altijd een donkerblauw baretje droeg. Je weet wel, zo'n wollig rond mutsje met een puntje eraan. Soldaten of Fransozen staan erom bekend.
Maar dus ook dit meisje.

Iedere dag zette ze het mutsje weer op. Haar moeder vond het binnen eigenlijk niet netjes. Haar vader zei dat ze er kaal van zou worden en haar broers pestten haar door hem iedere keer af te pakken. Maar toch bleef ze de baret dragen.

Ze droeg hem met vlechtjes, los haar of lage paardenstaart. Als de zon scheen, als het regende en zelfs bij flinke wind. Dan hield ze de baret stevig vast. Maar nooit zette ze hem af.

Op een dag ging het meisje met haar moeder naar de Efteling. De moeder stond klaar om te vertrekken en wilde de deur al uit lopen, toen ze het meisje snel haar baretje zag opdoen. "Nee!" zei de moeder "dat is niet handig. In al die achtbanen raak je je baret zo kwijt!". Maar het meisje gaf niet toe en omklemde de baret met twee handen, zodat de moeder zuchtend uiteindelijk plaats nam achter het stuur.

In de Efteling wilde het meisje in alle achtbanen. Maar na drie wilde ritten vond haar moeder het welletjes en gingen ze naar het sprookjesbos.
Gelukkig vond het meisje dat ook nog steeds leuk. Vooral het mooie verhaal van Langnek.
Terwijl het meisje heerlijk zat te luisteren kwam er een gezin aanlopen en ging naast haar staan.
De vader van het stel wilde een foto maken, maar de kinderen hadden enkel oog voor het meisje.
"Dat kindje ziet er wel raar uit!" zei het jongetje. Zijn zusje zei niks maar bleef met de duim in haar mond naar het meisje staren.

"Jongens kijk eens even naar Papa!" riep de vader. En terwijl de kinderen naar hun vader draaiden duwde de moeder het meisje met de baret snel verder. "Op naar het volgende sprookje!" zei ze opvallend enthousiast. Het meisje met de baret keek vanuit haar rolstoel omhoog naar haar moeder "Mam, hoorde je dat?" zei ze lachend "Die kindjes vonden mijn baret heel raar!"

De moeder lachte terug naar het meisje en gaf een aai over de baret. Wat een slim meisje heb ik toch, dacht ze. Mijn meisje met de baret.

En ze leefden nog lang en gelukkig...







maandag 16 oktober 2017

Nederlands Dans Theater

Legging aan..... check.
Shirt met "Now let's dance!" aan ....check.
Beenwarmers aan....check.
Romy is er klaar voor, we kunnen vertrekken.

Eerlijk gezegd had ik verwacht dat Romy na het drukke schoolreisje van gisteren te moe zou zijn om vandaag naar het Nederlands Dans Theater te gaan. Maar ze stond om half 8 al met haar beenwarmers naast mijn bed met de vraag "Gaan we?!".

Het is natuurlijk ook wel heel bijzonder als je naar een dansworkshop bij het beroemde Nederlandse Dans Theater in Den Haag mag komen. Toen we die kans bij de Bosk voorbij zagen komen hoefden we geen twee keer na te denken. Net zoals de 6 andere kindjes die samen met hun moeders bij het NDT klaar staan als wij komen aangereden.

Rolstoelen worden geparkeerd en schoenen en spalken mogen lekker uit. Want bij het NDT mag je heerlijk op je blote voeten dansen. Het kan nu al niet meer stuk bij Romy. In een heuse podiumzaal met lichtverende vloer en echte spotlights krijgen we les van twee enthousiaste dames van het NDT. Ik zeg "we" omdat de moeders ook meedoen. Wij zijn er natuurlijk bij om onze kinderen te helpen, het ene kind wat meer dan het andere. Maar naast het helpen doen we zelf ook gewoon mee, zodat we één mooie groep vormen.

We leren dat bij moderne dans je je lichaam gebruikt om emoties of gevoelens over te brengen. En het mooie is dat iedereen dat kan. Of je dat staand, zittend, liggend of vanuit je rollator doet maakt helemaal niets uit. Ieder op zijn eigen manier. Alle emoties passeren de revue die ochtend. Van verdrietig tot heel blij. En iedereen danst de sterren van de hemel. Zo voelt het in elk geval wel.



Na de pauze mogen we gaan kijken bij een dansles van het NDT. Ze hebben die ochtend een klassieke balletles op het programma staan. Zachtjes sluipen we de oefenzaal binnen en zoeken een plekje aan de zijkant van de zaal. 'Wauw' fluistert Romy terwijl ze haar ogen uitkijkt. In de zaal staan de dansers ieder aan een plekje bij de barre hun oefeningen te doen. Mannen en vrouwen door elkaar. De een is lang de ander klein, de ene breed de ander tenger. Allerlei nationaliteiten door elkaar. Wat Romy vooral heel leuk vindt is het verschil van outfit. Een balletpak, een hemd, een blouse of zelfs een wollen slobbertrui. Alles kan! Iemand staat zelfs op zijn pantoffels te dansen. En hoe! Met een gezicht alsof het niks is, worden benen in de lucht gegooid en dubbelgevouwen. Dat hier niet zomaar een dansgroepje staat is wel duidelijk.

Een stoere man met een stoppelbaardje komt de les binnen. Die komt vast een lamp maken denk ik nog. Dan zie ik dat hij zijn balletschoenen aandoet en de dansleraar groet.
De oefeningen aan de barre zijn nu klaar en de dansleraar zegt  'Plié, relevé, grand jeté, pas de bourreé', of zoiets dan.
Als vanzelf beginnen er twee dansers diagonaal door de zaal te dansen. Alle bewegingen gaan synchroon. Vlak voor ze bij de overkant aankomen starten de volgende twee. Het is echt magisch om te zien. Heel even gaat de gedachte door mijn hoofd of dit niet te pijnlijk is voor Romy om te zien. Zij zal nooit zo kunnen dansen. Maar ach, wie wel?! En als ik haar genietende gezichtje zie is de gedachte zo weer weg.

'Music Maestro!' roept de leraar. Vanuit een hoek begint een pianist op een vleugel te spelen. 'Daar zit gewoon écht iemand' zegt Romy verbaasd hardop en de pianist knikt lachend naar haar.
Hij speelt prachtige melodieën, vast iets van Bach of Beethoven. Romy begint ineens mee te neurieën en met haar handen mee te dirigeren. 'Van de kleine zeemeermin' fluistert ze als ze mij vragend ziet kijken. Wat lief, de pianist speelt liedjes uit kinderfilms, speciaal voor het kinderpubliek. Bij de dansers die het herkennen verschijnt ook een lach om de mond.

'Waarom zegt de leraar alles in het Engels?' vraagt Romy zachtjes aan de vrouw van het NDT die naast haar zit. 'Al onze dansers komen uit verschillende landen' vertelt ze 'er zijn er maar een paar die uit Nederland komen. En iedereen spreekt wel Engels.' Nu snapt Romy het. En haar fantasie slaat meteen op hol. 'Mama ik denk dat zij uit Spanje komt, en hij uit Italië.' Ik speel het spelletje mee 'Ik denk het ook Romy. Die lange danser daar achterin is volgens mij een Rus, hij lijkt wel een prins uit een Disneysprookje.'

We hadden zo nog wel uren willen blijven zitten. Maar de les is afgelopen en een aantal dansers komen naar ons toe voor een groepsfoto. Romy is na al het dansen te moe om nog op haar benen te staan. Gelukkig pakt een van de dansers haar snel stevig vast. 'Dankjewel' zegt Romy tegen hem als we klaar zijn. 'Ah, you're so cute'  zegt hij tegen haar. 'Oh ja Engels' mompelt Romy en ze zegt netjes 'tenk you' tegen de "Russische prins" die haar ook een knuffel komt geven. 'Leuk dat je kwam kijken' antwoordt hij in accentloos Nederlands. Ik moet mijn lachen inhouden als ik Romy's verbaasde gezicht zie.

'Bye, bye, little dirigent!' zwaait de dansleraar als we de zaal uitlopen.
Met een grote lach op haar gezicht vertrekken we weer naar huis.
Wat een ontzettend bijzondere, mooie ervaring was dit.
Bedankt Nederlands Dans Theater!


dinsdag 26 september 2017

mooiste dag

'Wauw Romy, ik zie de griezelbus!'. Voor het Limburgs museum in Venlo staat een grote rode bus geparkeerd. Achter de ramen zitten donkeren gedaantes, met de handen tegen de ramen gedrukt.
Het is duidelijk. We zitten goed. Hier moet de tentoonstelling van kinderboekenschrijver  Paul van Loon  de andere werkelijkheid wel zijn! "Ben je er klaar voor Romy? Dan gaan we naar binnen!' Een licht nerveus snoetje met oortjesdiadeem knikt naar me en ik duw de rolstoel naar binnen.

Binnen is alles in griezelsferen gebracht. Overal hangen spinnenwebben en skeletten. Het personeel loopt met griezelige hoedjes op. Kinderen krijgen heksendrankjes met oogbalgebakjes. Romy wijst in het winkeltje bij de ingang de boeken aan die ze allemaal heeft gelezen. Foeksia, bijna alle Dolfjes, Raveleijn, meester kikker en de griezelbus een stukje, maar die was nog een beetje te eng. Opeens komt er een mevrouw naar ons toe. 'Jij bent vast Romy! Kom maar mee, we verwachtten je al! We nemen nog snel even alles door.'

Een half uur later begint de officiële opening. De directeur van het museum vertelt over het belang van lezen en doet een leuke "Paul van Loon"quiz met alle kinderen, die al dan niet verkleed voor het podium staan. Romy is bij vraag één al af. Komt vast door de zenuwen. Zij let meer op de trap waar elk moment haar held naar beneden kan komen.

En ja hoor. Daar komt hij dan. Gehuld in een donker maar toch feestelijk jasje, zwarte hoed op zijn hoofd en natuurlijk zijn kenmerkende zonnebril op zijn neus, loopt hij als een echte rockster door de menigte. High fives worden onderweg aan alle kanten uitgedeeld en dan stapt hij het podium op. Paul vertelt hoe blij hij met het museum is, dat zijn boeken tot leven heeft gebracht. Hij bedankt iedereen die eraan heeft meegewerkt. Er mist echter nog één boek in het museum. Zijn nieuwste boek. Daarover zegt hij dit:

'Na een theatervoorstelling kwam er een keer een meisje in een rolstoel naar me toe die vroeg of er ook weerwolven in een rolstoel bestaan. Dat heeft mij toen aan het denken gezet. En uiteindelijk heb ik het nieuwe Dolfjeboek Griezelwielen geschreven waarin een rolstoel een grote rol heeft. In het nawoord bedank ik het meisje maar ik wist haar naam niet. Gelukkig ontving ik van mijn uitgever een bestelling van dit boek met de volgende tekst: "Ik bestel dit boek voor mijn dochter Romy, zij stelde ooit de vraag of er rolstoelweerwolven bestaan" En zo heb ik haar gelukkig gevonden! Romy kom er maar bij!'

Voorzichtig duw ik Romy tussen de kinderen door naar voren. En voor ik het weet wordt ze onder luid applaus met rolstoel en al het podium opgetild. Meteen krijgt ze de microfoon onder haar neus geduwd en wordt er gevraagd of ze ooit had gedacht dat Pol(zoals ze daar zeggen) dit boek zou schrijven? 'Nee eigenlijk niet, maar ik had het wel gehoopt.' zegt ze heel eerlijk. En iedereen lacht.
Samen met Paul mag ze uiteindelijk het boek aan het museum overhandigen, zodat de tentoonstelling helemaal compleet is.

           

Als we vervolgens met Paul van Loon naar de lift lopen om boven alles te gaan bewonderen vertelt hij hoe blij hij was toen hij Romy had gevonden. Romy is muisstil en kijkt alleen maar vol bewondering naar hem. De lift springt open en we kijken een heks, een vampier, een dubbelgevouwen spin op stelten en een skelet recht in de ogen. 'Jullie passen er wel bij!' zegt de vampier heel vriendelijk. Maar Romy schudt heel hard nee en trekt snel haar haar voor haar nek. 'Wij pakken de volgende wel', zegt Paul. Vlug stapt er een Dolfje in die nog even snel zwaait naar Romy. 'Dat was echt heel raar' zegt Romy en we barsten allemaal in lachen uit. De zenuwen zijn weg.

De rest van de avond was even geweldig. De tentoonstelling is prachtig (gaat dat zien!!) , Romy heeft nog met Dolfje en Foeksia gedanst, ze werd geïnterviewd door de krant, gefotografeerd door verschillende mensen, zelfs uiteindelijk met de vampier! Maar het hoogtepunt was voor Romy toch wel de kus op haar wang die ze kreeg van Paul toen we naar huis gingen. In de auto op weg naar huis is ze er stil van. Het is al laat en donker dus ik denk dat ze in slaap is gevallen. Als ik in de spiegel kijk zie ik een traan over haar wang glijden. 'Wat is er? Was het te eng? Ben je te moe?' vraag ik bezorgd. Maar dan antwoord een klein stemmetje 'Dit was de mooiste dag ooit!'